De wet stelt dat een werknemer bij ziekte maximaal voor een tijdvak van 104 weken recht heeft op 70% van het loon. In de meeste gevallen is echter in de CAO of arbeidsovereenkomst een aanvulling tot 100% van het salaris zonder maximum toegezegd in het eerste jaar van ziekte en 70% in het tweede jaar. Op grond van de WGBL mag u hier bij een 65-plusser niet van afwijken. De loondoorbetalingsplicht bij ziekte vervalt als de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig eindigt. Dit betekent dat bij een contract voor onbepaalde tijd de loondoorbetalingsplicht doorloopt tot het moment dat het contract wordt opgezegd of ontbonden. In de wet is bepaald dat een werkgever de arbeidsovereenkomst met een zieke werknemer niet mag opzeggen tijdens de eerste twee ziektejaren. De werknemer heeft tijdens deze periode ontslagbescherming en de werkgever dient het loon door te betalen. Het is mogelijk dat bij CAO van deze regeling wordt afgeweken. Bij een contract voor bepaalde tijd geldt geen opzegverbod en eindigt de loondoorbetalingsplicht bij het bereiken van de van tevoren vastgestelde einddatum.